Shiva ( de Vriendelijke ) :


Shiva is een van de oudste goden van India. De oudste voorstellingen van Shiva zijn terug te vinden op de rolzegels die gevonden zijn bij de opgravingen te Harrapa (de beschaving van Indusvallei 3000-2000 v. Chr.) Hij wordt afgebeeld als een zittende persoon met 3 gezichten. Hij zit in een meditatie houding omringt door dieren.

In de Veda’s heeft hij nauwelijks een rol. De naam Shiva (de vriendelijke) wordt gebruikt om Rudra te beschrijven. Later wordt Rudra een naam voor Shiva. In de vedische periode is Rudra de god van de stormen. Hij is de kracht van de vernietiging, het water dat verdringt, het vuur dat brandt, de wind die verwoest etc.
Anderzijds heeft Rudra ook een zachte kant als degene die de mens voorspoed brengt. Deze 2 kanten van de god Rudra zullen kenmerkend worden voor Shiva.
In de Trimurti wordt Shiva de vernietiger.

In het algemeen is hij schaars gekleed of naakt. Zijn haren hangen los of in een schedelknot of als een haarkroon. Hij heeft 3 ogen die symbool staan voor de zon, de maan en het vuur. Hij houdt zijn derde oog die voor het vuur staat gesloten anders zou het hele universum verbranden. Normaal heeft hij 1 gezicht en 2 armen (soms 4 armen tot 18 armen). Hij wordt soms ook met 5 gezichten afgebeeld die symbool staan voor de zintuigen of die de vier windstreken en de hemel observeren.

De drie lijnen op het voorhoofd van Shiva staan voor zijn drievoudige natuur:
Mannelijk, vrouwelijk en androgyn.
Schepper, Instandhouder en vernietiger.
Verder heeft hij een blauwe hals (zie Vishnoe avatar 2).

De hindoes die Shiva aanbidden vormen het Shaivisme (verering van shiva) en heten Shaivas.


Attributen :
Zijn attributen staan symbool voor macht.
Heeft hij een drietand en een cobra dan is dit een noord Indiase vorm.
Heeft hij een strijdbijl en een antilope dan is dit een zuid Indiase vorm.

Drietand ( Trishula) :
De drietand is verdrijft de demonen net als een bliksemschicht.
De driepunten staan voor de drie aspecten van de Trimurti.
Als de staf lang is dan staat deze voor as van het universum.

Slang / Cobra (Naga) :
De slang staat voor de eeuwige kringloop van de tijd en onsterfelijkheid.
Ook staan ze soms voor vruchtbaarheid.

Strijdbijl /Bijl (Parashu) :
De bijl staat symbool voor de overwinning op duisternis/onwetendheid.

Antiloop (Mriga) :
Het antiloop werd in de vedische periode beschouwd als het sterkste dier.
De god met dit attribuut is heerser over de natuur.

Schelphoorn (Sanka) :
De schelphoorn is een muziekinstrument. De klank verjaagt de demonen.

Andere attributen die ook met Shiva worden afgebeeld zijn:

Vaas (Kalasha) :
De vaas staat voor overvloed, wijsheid en onsterfelijkheid.
In de vaas zit amrita.

Veer (Mayurapattra) :
Pauwenveren zijn net als de pauw het symbool voor onsterfelijkheid.
We zien dit terug in de dansende Shiva .

Bedelnap (Bhikshapatra) :
De god in een vorm van een rondtrekkende asceet draagt dit.

Bel (Ghanta) :
Deze staat symbool voor de oerklank waaruit schepping is ontstaan.
Als wapen in handen van Shiva en Kali jaagt de klank de vijanden angst aan.

Schedel (Kapala) :
De schedel staat voor de kringloop van leven en dood.


Rijdier :
Nandi, de witte stier.
Nandi betekent “hij die vreugde schenkt”.
Hij staat ook voor gerechtigheid, rechtschapenheid en seksuele impuls.

Nandi was voorheen een zelfstandige god genaamd nandikeshvara, de god van de vreugde.Hij was een mens met een stierenkop. In loop der tijd werd zijn oerkracht van de schepping over gedragen aan Shiva.

Shiva woont op de berg kailasha met zijn vrouw Parvati en zijn 2 zonen Skanda en Ganesha (zie Parvati, skanda en Ganesha ).

De god Shiva kan vele gezichten aannemen. Je kunt deze grofweg in 5 groepen indelen.

Nandi Shiva, Parvati, Ganesha en Skanda
Shiva, Parvati, Ganesha en Skanda Shiva
Shiva en Parvati Shiva
Shiva, Parvati en Ganesha Shiva
Shiva